“Grote problemen in veranderende tijden vragen soms om bijzonder oplossingen en andere vormen van samenwerking dan gebruikelijk. Vandaar dat vijf partijen - Wakker Emmen, SP, Drentse Ouderen Partij (DOP), GroenLinks en Burgerbelangen Gemeente Emmen (BGE) -

 

bij de behandeling van de begroting 2013 de handen ineen sloegen en zich gezamenlijk hebben gericht op een beperkt aantal grote problemen, in de hoop de koers nog te kunnen bijstellen.

 

Deze grote problemen zijn:

 

• twijfels aan de juridische houdbaarheid van WMO-hulp in het huishouden en de

 

consequenties als de plannen juridisch niet houdbaar blijken;

 

• de grote gevolgen van het nieuwe WMO beleid voor mensen die de WMO-hulp

 

ontvangen en de thuiszorgmedewerkers die dit werk uitvoeren;

 

• de bijkomende effecten voor PGB gebruikers en inkomenseffecten die door

 

de voorstanders niet worden genoemd.

 

 

Dit zijn grote problemen die mensen onnodig zullen raken, omdat er alternatieven zijn, zoals wij bij de begroting hebben aangegeven. Onze partijen, en ook personen en organisaties buiten de politiek, hebben grote twijfels over de juridische houdbaarheid van de nieuwe WMO-plannen voor hulp bij het huishouden, zoals de invoering van een algemene voorziening schoonmaakondersteuning vanaf 1 januari 2013. De twijfels zijn zó groot, dat wij als vijf partijen vrezen voor een groot debacle eind dit jaar of begin volgend jaar. Dat moet

 

absoluut voorkomen worden. Duizenden inwoners van Emmen in een juridisch gevecht met de gemeente, dat zou je als overheid niet moeten willen. En als onze twijfels terecht blijken,

 

dan zullen er begin 2013 alsnog noodmaatregelen moeten worden genomen om een beleid te krijgen dat binnen de wettelijke kaders valt. Wij schatten de kans vrij hoog in dat dit scenario werkelijkheid wordt. Het gaat om duizenden van zorg afhankelijke mensen en honderden

 

hardwerkende thuiszorgmedewerkers en dan vinden wij zo´n riskant juridisch experiment onverantwoord.

 

Naast de mensen die WMO-hulp in het huishouden krijgen, worden ook medewerkers in de thuiszorg de dupe van het veranderende WMO-beleid. Er zullen vele ontslagen vallen en de medewerkers die bij een andere thuiszorgorganisaties weer aan de slag kunnen, zullen veelal fors aan salaris moeten inleveren. Belangrijk en fatsoenlijk werk dient fatsoenlijk beloond

 

te worden en het nieuwe Emmense WMO beleid heeft dan ook niet onze steun.

 

 

Bij het nieuwe Emmense WMO-beleid wordt hulp in het huishouden een algemene voorziening. Circa 700 mensen zullen hunPersoonsgebonden Budget (PGB) verliezen. Partijen die landelijk naar behoud van het PGB streven, hebben er lokaal geen moeite mee dat het PGB voor honderden mensen verdwijnt. En dit levert de gemeente Emmen geen eurocent extra op. Het nieuwe WMO-beleid heeft ook grote gevolgen voor de eigen bijdrage of tariefsbijdrage die gebruikers van WMO-voorzieningen straks gaan betalen. De proefberekeningen die wij als vijf partijen maakten, laten een omgekeerde nivellering zien, met vreemde uitschieters. Veel hogere inkomens gaan straks minder betalen dan ze nu doen, en lagere inkomens die naast hulp in het huishouden ook nog een hulpmiddel als voorziening hebben, gaan straks het dubbele betalen. Alleen voor de lagere inkomens met uitsluitend hulp in het huishouden is het bedrag dat ze straks betalen gelijk aan wat ze nu betalen. Wij vinden dat het college en de voorstanders/ voorstemmers in de raad, de inwoners van Emmen tot op heden onvolledig hebben geïnformeerd over alle gevolgen van het nieuwe WMO-beleid. Beleid, waarin zij zelf zeggen te geloven, maar waarbij zij over vele ingrijpende gevolgen zwijgen.

 

Vanwege bezuinigingen van het rijk zal de WMO in de nabije toekomst waarschijnlijk verder versoberd worden. Ook wij kunnen dit als partijen niet tegenhouden. Wij maken echter wel een principiële keus: bij de afbraak van de WMO willen we als gemeente Emmen niet voorop lopen in Nederland. Een socialer WMO-beleid, zoals wij als vijf partijen hebben voorgesteld,

 

kost meer geld. Daarom zijn we bij de behandeling van de begroting ook met een alternatief gekomen. Een alternatief waarbij de pijn op andere terreinen ligt, zoals: meer bezuinigen op ambtelijke formatie, afschaffen citymarketing, verlaging subsidies, besparing kosten Atalantaproject en interne uitgaven gemeente. We hebben als Wakker Emmen, DOP, SP,

 

GroenLinks en BGE laten zien dat, als je écht wilt, ook andere keuzes mogelijk zijn.

 

 

Ook hebben we als Wakker Emmen, SP, DOP, BGE en GroenLinks gezamenlijk een voorstel gedaan voor lagere woonlasten. Deze verlaging is goed en noodzakelijk voor de inwoners van Emmen. Ook is dit positief voor de promotie van de gemeente Emmen elders in het land, omdat we met de huidige woonlasten in Emmen tot de duurste gemeenten van Nederland behoren.

 

 

We hebben grote zorgen over de betrouwbaarheid en dus de juistheid van de cijfers in de begroting 2013 en de meerjarenbegroting. Dit raakt voor Wakker Emmen, SP, DOP, GroenLinks en BGE de wortels van de gemeentelijke democratie. Daarom wilden we niet alleen als afzonderlijke partijen hierover onze zorg uiten, maar vonden we het noodzakelijk

 

om een gezamenlijk signaal af te geven. Hierbij speelde ook mee dat het college de controlerende taak van de raad bemoeilijkt door een slecht leesbare begroting en het niet serieus beantwoorden van vragen, voorafgaand aan de behandeling van de begroting.

 

 

Helaas hebben wij de meerderheid van de raad niet kunnen overtuigen van onze twijfels over de juridische houdbaarheid van de WMO-plannen, van onze mening dat er ook andere keuzes mogelijk zijn als je écht wilt en dat je als Emmen niet voorop moet lopen bij de afbraak van de WMO. Tot nu toe had onze inzet geen succes en de plannen gaan waarschijnlijk gewoon

 

door. De nieuwe WMO-plannen en de onbetrouwbaarheid van de cijfers waren voor ons belangrijke redenen om tegen de begroting te stemmen. Maar wij zullen de uitvoering van de

 

plannen nauwgezet blijven volgen en waar mogelijk veranderingen ten goede proberen te realiseren. Ieder van onze vijf partijen (Wakker Emmen, SP, DOP, GroenLinks en BGE) doet dit vanaf nu weer op zijn eigen manier, maar waar wenselijk en noodzakelijk, trekken we weer gezamenlijk op.”

 

 

 

Wim HalmFractievoorzitter BGE