28 April 2011

 

Voorzitter,

 

In grote lijnen kunnen wij ons als BGE vinden in de voorliggende Kadernota Economie en vinden wij dat de nota uitvoerig is besproken in de commissievergadering.

 

Voorzitter,

Toch noodzaken de uitspraken van wethouder Arends in de commissievergadering ons om nog een paar dingen te zeggen. De wethouder legde de link naar polsstokhoogspringen en vindt dat Emmen als het ware moet gaan voor het wereldrecord en voor het wereldkampioenschap. Echter een polsstokhoogspringer met een persoonlijk record van 4,5 meter, en die dus nog nooit hoger heeft gesprongen in zijn leven, zal de lat in de wedstrijd niet direct op 6,15 meter gaan leggen.

 

Hij weet namelijk dat je met 3 foutieve sprongen uit de wedstrijd bent.

Zijn trainer die wil dat hij wereldrecordhouder wordt zal tijdens de training de lat ook niet op 6,15 meter gaan leggen. Want zijn pupil zal dan gefrustreerd raken, omdat hij de hoogte niet haalt.

 

De huidige wereldrecordhouder de Rus Sergei Boebka heeft de lat voor zichzelf ooit op 4 meter gelegd, toen op 4,10, toen op 4,20 en uiteindelijk kwam hij uit bij het huidige wereldrecord van 6,14. Bij 4 meter gebruikte hij ook een andere polsstok dan bij 6,14.

 

Voorzitter,

Ambities maak je waar door steeds kleine stappen te zetten en niet door heel hard te roepen dat je heel ambitieus bent. En het zou jammer zijn als we ons onnodig frustreren doordat we de ambities niet halen terwijl we wel flinke stappen voorwaarts zetten.

 

Als BGE zijn we dus in grote lijnen positief over de voorliggende kadernota en zullen met de kadernota instemmen.