Journalist Gerard de Kleine hield zich groot maar de emoties waren duidelijk voelbaar op de zitting van dinsdag jongstleden bij de kantonrechter in Emmen.

Deze rechtbank moest beslissen over het door de werkgever van de Kleine, de NDC (noordelijke dagblad combinatie) aangevraagde ontslagvergunning.

Volgens  advocaat Kuijken van de werkgever waren er dringende redenen voor onmiddellijke opzegging van de arbeidsverhouding zonder vergoeding van de zijde van NDC.

 

De Kleine was, vond hij, geen onafhankelijke journalist, maar eerder een horige of op zijn hoogst een loonslaaf van NDC, zo betoogde hij en dientengevolge diende hij te schrijven en te zeggen wat het NDC beliefde en niet de per sé de waarheid, en zo nee, dan moest natuurlijk ontslag volgen. En zíjn bronnen waren dus de bronnen van het NDC.

Door mij hier vrij en verkort weergegeven want de advocaat was nogal langdradig en wijdlopig van stof. 

Na een dienstverband van 24 jaar is dat niet niks als dit en nog meer over je gezegd wordt. Alle redenen dus voor emoties, al kan een rechter daar niet zo veel mee. Emoties bij beide partijen trouwens. Bij Gerard uiteraard, want hem werd ook nog even een (afscheids)veer in zijn kont gestoken door de advocaat van zijn werkgever: hij was onbetwist een goed journalist (geweest).Vervolgens trachtte hij de Kleine in zijn repliek even grondig te slopen over de fouten die hij zou hebben gemaakt ten nadele van zijn werkgever. Daarbij liet hij door zijn nogal arrogante taalgebruik (inclusief zijn lichaamstaal) merken dat hij het maar tijd verknoeien vond om er een rechtzitting aan te wijden. Duidelijk was ook te merken dat hij het bloed van zijn confrère (die het toch maar had bestaan een verweerschrift in te dienen!) wel kon drinken. Die liet zich ook niet onbetuigd en gaf op zijn beurt zijn collega diverse steken onder water waaruit die kon opmaken dat hij, Heuzeveld, weinig op had met de juridische kundigheden van zijn tegenstrever.

Pieter Sijpersma, de hoofdredacteur zat er zeer beteuterd bij en kon met moeite mee gaan met de afbraak van de Kleine, door de advocaat van zijn werkgever. Pieter en Gerard (zo bleven ze elkaar ook noemen) waren duidelijk slachtoffer van de directie, hun vertegenwoordigers en de wetgeving. 

De werkgever was eiser en diende dus het onomstotelijke bewijs te leveren van een dringende reden voor ontslag. Nadat de heer Kuijken gezegd had dat het niet ging over de gelekte stukken m.b.t. de Eurochampaffaire, maar over een ontslagvergunning, hield hij vervolgens een uiterst lang betoog juist over die affaire waarbij het vooral ging om het beschermen of prijsgeven van politieke lekbronnen. Daarbij gaf hij en passant alle bronnen die er gelekt zouden hebben prijs, behalve die van journalist de Bruin.

Van de Kleine horen we later dat dát gedeputeerde Haarsma (PvdA) was. Kuijken ging toen zelfs zover om de rechter opdracht te geven de Kleine eens te vragen of hijzelf niet of wel de bron was van naar Klaver gelekte stukken. Tot dan had de Kleine steeds gezegd dat hij wel wist wie de bron was maar dat hij het niet wilde zeggen. Hij wilde zijn bron beschermen om indirect zijn eigen toekomstig functioneren als journalist niet te belemmeren. 

Nu is dat een algemeen aanvaarde reden voor bronbescherming en het kan mijns inziens niet gevergd worden van een partij in een arbeidsconflict om in een situatie onder druk, zoals een rechtzaak door een werknemer toch wordt ervaren, zijn principes op te geven. Immers als je een bron wilt beschermen en je bent misschien zelf (deels) de bron, dan moet je dié ook beschermen om je functioneren niet in gevaar te brengen. Het verbaasde mij dan ook dat rechter Pauw de opdracht van Kuijken aanvaardde en uitvoerde en de Kleine onder druk zette.

Vervolgens geeft de Kleine zijn hoofdbron niet prijs maar geeft opeens wel toe zelf ook deels bron te zijn geweest (door voorlezen uit stukken). Voor het publiek dat in grote getale aanwezig was, was deze apotheose nogal een teleurstelling. Eens te meer blijkt de natuurwet dat principes onder druk makkelijk verkruimelen weer al te waar. 

Het wordt verder dan ook duidelijk dat de Kleine er door de krant en zijn chef Sijpersma flink is ingeluisd, bij een biertje op een terras in Grolloo. Er wordt hem daar een flinke som geld voorgespiegeld in ruil voor informatie over de bron en een zwijgen over het conflict naar buiten. Die informatie geeft hij naar hij meent vertrouwelijk, maar vervolgens blijkt dan de geboden som geld opeens flink geslonken en de vertrouwelijkheid zoek en het resultaat is nu dus openheid en een rechtzitting. 

Al met al geen reclamecampagne voor het Dagblad van het Noorden. De informatie die we via hun advocaat voorgeschoteld kregen over het reilen en zeilen op de burelen daar, ontlokte reacties op de publieke tribune van het soort: daar wil je toch voor goud nog niet werken!

Ik heb weinig steekhoudend bewijs voor een dringende reden, waar het toch om ging, gehoord. De rechter moet van dit alles chocola gaan maken. Dat lukt hem wel denk ik. Of ze dat op de burelen van het Dagblad met genoegen zullen drinken waag ik te betwijfelen. In ieder geval zal volgens de rechter de arbeidsovereenkomst worden ontbonden omdat partijen niet meer door één deur kunnen. Als hij tot de conclusie komt dat er géén dringende redenen voor ontslag zijn dan is een flinke vergoeding volgens hem óók op zijn plaats.

Er waren slechts twee partijen en geen onafhankelijke getuigen dus wat er over en weer beweerd en weersproken werd kan allemaal in de prullenbak. En als je iemand meer dan een half jaar schorst en hem dan pas wilt ontslaan op grond van redenen die al maanden oud zijn dan lijkt me van enige dringendheid geen sprake meer. Nog afgezien van het feit dat een werknemer na een dienstverband van 24 jaar wel eens een "fout" mag maken, nu die ook nog discutabel blijkt en de werkgever kennelijk geen enkele schade heeft berokkend. 

Conclusie:Gerard wordt vermoedelijk weer een free-lancer, maar nu met royaal zakgeld voor handen. En er zijn nieuwsbladen in Emmen die  hun voordeel zouden kunnen doen met deze wetenschap.    

Van onze rechtbankverslaggever.