ImageAan de fractie Burgerbelangen Gemeente Emmen

Geachte heer Halm,

Naar aanleiding van uw brieven 27 december 2007 en 9 januari 2008 over het geluidssportcentrum Pottendijk hebben wij u in een gesprek en per brief van 22 januari 2008 geïnformeerd dat beantwoording niet zal plaatsvinden binnen 30 dagen, maar na de vergadering van de raadscommissie Samenleving van 5 februari 2008. In deze commissievergadering heeft wethouder Evenhuis een presentatie gegeven over de door de gemeente na te streven ontwikkeling van het geluidssportcentrum Pottendijk.

In deze presentatie is aangegeven dat de gemeente daarbij kiest voor een twee sporenbeleid. Het voornemen van ons college is erop gericht het centrum in de periode van 2008 tot 2011 te ontwikkelen naar een geluids-sportcentrum met een bovenregionaal/landelijk karakter. Initiatieven voor deze ontwikkeling zullen door ons college in gang worden gezet en ondersteund. Echter deze ontwikkeling kan eerst plaatsvinden als het huidige gebruik "op orde" is. Onze allereerste inzet is er dan ook op gericht dat ten aanzien van het huidige gebruik wordt beoordeeld of een en ander past binnen de bestemming van het gebied. Dit betekent dat wij voornemens zijn vergunningen te verlenen voor zaken- die deels al zijn gerealiseerd- maar wel passend zijn binnen de bestemming van het gebied. Hiertoe hebben wij acties uitgezet. Op basis van de hiervoor geschetste werkwijze komen wij tot de volgende beantwoording van uw vragen.

Brief 27 december 2007, ingekomen 28 december 2007

1 a. Welke onderzoeken heeft het College uitgevoerd ter plaatse, teneinde de vragen van 11 oktober te kunnen beantwoorden?

lb.   Welke ambtenaren (functies) waren daarbij betrokken?

lc.   Wanneer vond dit plaats?

ld.   Wie van de ondernemers heeft welke informatie verschaft?

Ie.  Hoe is die eventueel verschafte informatie door het College gecontroleerd?


Bij de eerdere beantwoording door ons college op 18 december 2007 hebben wij ons gebaseerd op de toen bekende gegevens waarbij met name gebruik is gemaakt van toezicht dossiers en gegevens van een controlebezoek in 2003 en 2007. In deze beantwoording gaan wij nader in op de geconstateerde zaken.

2. Wat zal voor het College een aanleiding zijn om de Raad te informeren (zie 11 oktober vraag lb)?

Zoals reeds is vermeld in de aanhef van deze brief streven wij naar een ontwikkeling van het geluidssportcentrum de Pottendijk. In dat kader is in de raadscommissie samenleving van 5 februari j.1. een presentatie gegeven. Op deze wijze hebben wij de raad geïnformeerd. Ook in de toekomst zullen wij de raad - indien daartoe aanleiding is-van de ontwikkelingen op de hoogte houden

3a. Moet uw antwoord op vraag 3a van 11 oktober zo gelezen worden, dat er wel wordt gewoond (door b.v. de beheerder) maar dat dat niet permanent is? Naar aanleiding van nader onderzoek is geconstateerd dat in het bedrijfspand gelegen aan de Pottendijk WZ 20 kan worden overnacht. Er is niet vastgesteld dat er sprake is van permanente bewoning.

Alleen door middel van monitoren kan vast gesteld worden of er sprake is van permanent wonen. Aan de hand van de monitoring zullen wij beoordelen of handhavend opgetreden moet worden.

b. Zo nee, wat bedoelt u dan? Zie hiervoor

c. Zo ja, is dat dan in de visie van het College legaal wonen?

M.a.w. mag er in de visie van het College een gedeelte van de opstallen zijn ingericht voor bewoning en mag daar dan iemand regelmatig overnachten (wonen) b.v. ter bewaking van de winkelvoorraad o i.d zolang hij/zij maar elders (desnoods voor de vorm) is ingeschreven?

Het bestemmingsplan geeft voorschriften inzake het gebruik van de gronden en bebouwing.

In de voorschriften staat aangegeven of er in een gebouw gewoond mag worden. Een enkele keer overnachten is geen bewonen, het regelmatig overnachten in een niet voor bewoning bedoelde en ingerichte ruimte ook niet. Regelmatig overnachten in een als zodanig ingerichte ruimte (punt d) moet echter wel als wonen worden aangemerkt.

Permanente bewoning binnen het geluidssportcentrum is op basis de geldende bestemmingsplannen niet toegestaan.

d. Wat heeft u/hebben uw ambtenaren ter plaatse geconstateerd m. b. t.
inrichting, wonen en woonruimte?

Tijdens onderzoek op 30 januari 2008 is er contact geweest met een woordvoerder, i.v.m. vakantie van de eigenaar/ beheerder van kart centrum. De woordvoerder deelde mee dat de inrichting van het beheerdergedeelte t.o.v. de vorige controle van 25 mei 2007 niet is gewijzigd. Er is toen geconstateerd dat het beheerdergedeelte bestaat uit een ruimte met bed, een ruimte met daarin een keuken en een wc/doucheruimte. De woordvoerder beschikte echter niet over toegangsmogelijkheden tot het beheerdergedeelte.

e. En geldt uw visie (3 c) over dit "wonen" in het algemeen in de hele gemeente?
Ja, hierbij dient wel in aanmerking te worden genomen dat er verschillende woonvormen zijn: recreatief, verzorging, enz.

f. Zo nee, waar wel en waar niet? Niet van toepassing

4a Gelden: het feitelijk aanwezig zijn van een winkelvoorraad en winkelinrichting ter plaatse; websites van bij de Kamer van Koophandel ingeschreven bedrijven die daarnaar verwijzen en die privé-personen oproepen op vastgestelde tijden daar te komen kopen; andere openbare gegevens waaronder advertenties en algemene bekendheid met deze feiten etc. voor het College als signalen en/of aanwijzingen dat er van detailhandel sprake is? Dergelijke signalen kunnen aanleiding vormen om nader onderzoek in te stellen.


4b. Zo ja, hoe is het dan mogelijk dat het College de hiervoor genoemde, openbare en bij iedereen en dus bij BGE bekende signalen en/of aanwijzingen gemist heeft? Al deze gegevens zijn o.a. te zien op www, pottendijk. nl en www, rmkartracins. nl  Deze websites geven slechts in beperkte mate inzicht in de aard en omvang van de detailhandel. Postorderverkoop via de website bijvoorbeeld is niet meetbaar en valt buiten het begrip detailhandel ter plaatse. Zie tevens 4c.


4c. Is aan de ondernemers/beheerder (s) gevraagd of er detailhandel plaatsvond en zo ja, wat antwoordden zij daarop?

Bij het Kartcentrum is deze vraag letterlijk gesteld, daarop is bevestigend geantwoord. Dat is ook niet vreemd want 20 april 1993 is er onder nummer 92.B.0147 bouwvergunning verleend aan dhr. Rodenburg voor het vergroten van een bouwwerk (uitbreiden bestaande kantine met een showroom, werkplaats, opslag, kantoor en kleed- en wasruimte) op het perceel Pottendijk WZ 20 te Nieuw-Weerdinge. Geringe detailhandel gerelateerd aan de kart activiteiten zijn toegestaan. In het kader van de ontwikkeling van het geluidssportcentrum zijn wij van mening dat geringe detailverkoop gerelateerd aan het gebruik van de daar plaatsvindende activiteiten plaats moet kunnen vinden. Bij de ontwikkeling van het gebied zullen wij hierop nader terugkomen.


4d. Wilt u dezelfde vragen beantwoorden ten aanzien van de horeca-activiteiten ter plaatse (zie genoemde websites)?

Dus 4 a,b,c en d van 11 oktober zoals voor detailhandel, maar nu m.b.t. horeca. Bij de diverse inrichtingen op het geluidsportcentrum zijn horecavoorzieningen aanwezig. Bij alle drie de inrichtingen is sprake van een kantine. De kantine en het buitenterrein kan worden gebruikt voor aan de sportactiviteit verbonden horeca met een beperkt karakter. Het huidige bestemmingsplan geeft hiervoor ook de ruimte. Voor de drank- en horeca inrichtingen zijn de benodigde vergunningen verleend.

5a. Moet uw antwoord op vraag 5 van 11 oktober zo worden gelezen, dat er vrijwel steeds eerst gebouwd wordt en vervolgens slechts in een deel van de gevallen en dan nog op verzoek van het College vergunningen worden aangevraagd, die vervolgens conform het gebouwde (of aangevraagde?) zijn verleend? Voor meerdere bouwwerken is in het verleden geen vergunning aangevraagd. De ingediende bouwaanvragen, deels ter legalisering, zijn en worden getoetst op basis van de geldende voorschriften in het bestemmingsplan en bouwbesluit.

5b. Zo ja, is er dan nog wel sprake van enige regie van het College op de ruimtelijke ontwikkelingen ter plaatse en waaruit bestaat die dan?

Zoals in de aanhef is aangegeven streven wij een ontwikkeling van gebied na. Echter deze ontwikkeling kan eerst plaatsvinden als het huidig gebruik "op orde" is. In dat kader is en zal door ons worden nagegaan in hoeverre de bestaande activiteiten passen binnen de bestaande beleidskaders. Uit door ons uitgevoerde toetsing blijkt dat de onlangs aangevraagde vergunningen voor het Motodrome kunnen worden verleend.

Bij het ontwikkelen en het "op orde" brengen van het gebied hebben wij gekozen voor de regievoering. Hiervoor verwijzen wij ook naar de presentatie in de commissie van 5 februari j.1.


5c. Acht het College alleen haar vriendelijke verzoeken om alsnog vergunning aan te vragen "voor die slechts gedeeltelijk worden opgevolgd" in lijn met haar algemene handhavingsbeleid?

Ja, op basis van jurisprudentie moet eerst worden onderzocht of een vergunning kan worden verleend. Als die mogelijkheid bestaat worden "overtreders" eerst in de gelegenheid gesteld een aanvraag in te dienen. 5d. Zijn er thans nog gebouwen/bouwwerken ter plaatse aanwezig waarvoor geen vergunning is verleend noch aangevraagd? Ja.


5 e.  Zo ja, welke?

Bij het kart centrum is voor de uitbreiding van de sanitaireruimtes op 24-09-03 onder nummer 20031323 een vooroverleg ontvangen en is in behandeling. Voor een schuurtje van ± 15 m2 t.b.v. overzicht circuit is geen vergunning verleend. Bij het Schiet- en Jachtsportcentrum is geen bouwvergunning verleend voor: 2 "bunkers", een mast 30 m hoog, een mast ± 14 m hoog, een bergruimte/schuur, vier kleine bouwwerken van ± 2,20 x 2,20 m en twee kleine schuil gelegenheden van ± 1,60 x 2,70 m.

Door MSV Motodrome is tussen het stellen van de vragen en het beantwoorden van de vragen voor alle relevante bouwwerken een bouwvergunning aangevraagd.

5f Zijn al deze gebouwen waar nodig volgens de voorschriften voorzien van rioolaansluiting of toegestane alternatieven daarvoor?

Ter plaatse van het geluidssportcentrum ligt geen rioleringstelsel. De afvoer vindt op andere wijze plaats.
5g. Zo ja welke situatie is van toepassing?

Er zal de komende periode in overleg de provincie Drenthe en het Waterschap Hunze en AA's - worden geïnventariseerd welke alternatieve voorzieningen per inrichting in gebruik zijn. Het is bekend dat gebruik wordt gemaakt van een septictank en afvoer per as.

5h.Zo nee wat gaat u daaraan doen? Niet van toepassing

6a. Moeten wij uw antwoord op vraag 6 van 11 oktober zo lezen dat de verdere ontwikkelingen van het gebied alleen worden belemmerd door een geluidsplafond en verdeling van de geluidsruimte?

Voor de verdere ontwikkeling van gebied zijn het geluidsplafond en de verdeling van de geluidsruimte sterk bepalende factoren. Ook andere factoren zoals toevoer en afvoer van bezoekers spelen hierbij een rol. Bij de verdere ontwikkeling van het gebied zullen wij hierop nader ingaan.

6b. Zo ja, kunnen hier wallen of schermen e.d. of vrijstellingen nog uitkomst bieden? Het aanbrengen van geluidswallen en schermen heeft vanwege het soort activiteiten slechts beperkte invloed op de geluidszonering. Binnen de vastgestelde geluidszone zijn geen woningen aanwezig.

6c.  Zo nee, is een geluidsportcentrum gepland op een plaats waar geen substantieel geluid mag worden geproduceerd dan wel een verstandige keuze geweest? Bij het opstellen van het bestemmingsplan Buitengebied Gemeente Emmen in 1987 is gekozen voor een geluidsportcentrum in het buitengebied. De geluidsruimte voor deze inrichtingen wordt bepaald door de Wet geluidhinder. De locatie aan de Pottendijk geeft juist de "ruimte" voor de huidige activiteiten

6d. Is er van zo'n planning sprake geweest, of zijn de activiteiten gaandeweg gelegaliseerd?

Het geluidssportcentrum ter plaatse is gerealiseerd binnen een door de gemeenteraad vastgesteld bestemmingsplan.

7.    Gezien de kwaliteit van de beantwoording van de vragen van 11 oktober in relatie tot de tijd die daarvoor bewust door het College (de ambtelijke staf) is genomen heeft BGE behoefte om daarvoor een nadere verklaring te zoeken.

Dit leidt weer tot de volgende vragen:


7a. Kan het College met de hand op haar hart verklaren dat er geen sprake is van wat voor belangenverwevenheid dan ook, tussen ambtenaren en/of ex ambtenaren en/of het College en ondernemers met betrekking tot de Pottendijk? Van enige belangenverwevenheid, zoals hier bedoeld, is ons niets bekend.

7b. Zo nee, waarom niet?

Er zijn geen feiten of gedragingen geconstateerd op basis waarvan wij zouden kunnen besluiten tot een onderzoek.

7c.  Zo ja, hoe verklaart het College dan het gebrek aan kwaliteit en tempo bij de beantwoording?

Niet van toepassing

7d. Is de ambtelijke staf door of namens het College voldoende doordrongen van het belang van het snel en accuraat beantwoorden van vragen van de bestuurders van deze gemeente c.q. de raadsleden?

Ja 7e. Zo ja waaruit blijkt dat? (bijvoorbeeld aanwijzingen, notities, aanmoedigingen, extra budgettering etc.) Voor de beantwoording van vragen op grond artikel 38 van het reglement van orde van de raad zijn termijnen gesteld. Deze termijnen wijken af van de in uw brief genoemde termijn van 10 werkdagen. In overleg met u zou de beantwoording van de onderhavige vragen plaatsvinden na de genoemde commissievergadering van 5 februari j.l. Brief 9 januari 2008, ingekomen 15 januari 2008.

1 a. Zijn er op de Pottendijk vóór deze vragenreeks vragenreeksen startten gebruiksvergunningen en of evenementenvergunningen en of milieuvergunningen afgegeven?

Ja, Milieuvergunningen. Voor het schietsportcentrum verleend door de gemeente Emmen op 6 mei 1999 en 21 augustus 2007. Het kartcircuit verleend door de provincie Drenthe op 14 december 1999 en 25 oktober 2006. Het motorsportcentrum verleend door de provincie Drenthe op 17 juli 1992. De revisievergunning voor het motorsportcentrum is op 12 februari 2008 door het college van gedeputeerde staten verleend, deze is op 19 februari 2008 gepubliceerd.

Gebruiksvergunningen. Voor het schietsportcentrum is op 19 oktober 2007 een gebruiksvergunning verleend. Het kartcentrum heeft op 2 maart 2003 een mededeling ontvangen dat er geen gebruiksvergunning nodig is omdat de aanvrager schriftelijk heeft aangegeven dat er niet meer dan 50 personen gelijktijdig in het pand aanwezig zijn. Voor MSV Motodrome is op 7 januari 2008 een "verzoek om een gebruiksvergunning aan te vragen" verstuurd. Op het moment dat er een ontvankelijke aanvraag binnen is zal deze worden afgehandeld. Deze aanvraag is 12 februari 2008 ingediend.

Evenementen vergunningen zijn hier niet aan de orde geweest, maar kunnen per evenement worden aangevraagd.

Zijn er AMVB-meldingen gedaan?

Nee, dat is tot nu toe niet aan de orde geweest.

lb* Zo nee, waarom niet, was dat niet vereist/noodzakelijk?

Omdat de inrichtingen beschikken over Milieuvergunningen.

1c* Zo ja, welke, wanneer aan wie voor welke activiteit?

Niet van toepassing

2a* In tenminste twee ondernemingen op Pottendijk wordt bier getapt.

Zie foto 's site www, motodromeemmen. nl.

Is dit toegestaan/legaal?

Het schenken van alcoholische drank is toegestaan indien men beschikt over een toereikende Drank-en Horeca vergunning en tevens de voorschriften naleeft. Voor de inrichtingen zijn deze vergunningen verleend. Door de gemeente wordt een vergunning verleend, het toezicht vindt plaats door de Voedsel en Waren Autoriteit.

De schietbaan, vergunning verleend aan Stichting Schiet - en Jachtsportcentrum Emmen, 8 juni 2007, voor zwak alcoholische dranken. Het kartcentrum, vergunning verleend aan P.H.M. Rodenburg, 26 februari 2007, volledige vergunning. De motorcrossbaan, vergunning verleend aan MSV Motodrome Emmen, 23-11-2004 (oude kantine!) voor zwak alcoholische dranken. Er is een aanvraag ingediend voor aanpassing van de vergunning in verband met de nieuwbouw van de kantine.

3a* In tenminste twee ondernemingen op Pottendijk worden motorvoertuigen gerepareerd/gewassen.

Zie eerder genoemde sites.

Is dit toegestaan/legaal?

De provincie Drenthe is bevoegd gezag voor de Milieuvergunning bij het Kartcentrum en het Motodrome. Deze activiteit past binnen de provinciale Milieuvergunning voor het Kartcentrum en het Motodrome. De werkzaamheden passen overigens, vanwege het ondergeschikte karakter behorend bij een daar plaatsvindende activiteit, binnen het bestemmingsplan.

3b* Zo nee, wat gaat u daaraan doen?

Niet van toepassing

3 c* Zo ja, op grond waarvan?

Zie antwoord onder 3 a.

4a* Voldoen (voldeden) alle ondernemingen op het terrein Pottendijk vóór het stellen van deze vragen aan de veiligheidseisen zoals die kunnen worden gesteld voor evenementen, horeca activiteiten en werk- en wasplaatsen? (zoals hrandblusmiddelen, EHBO-voorzieningen, nooduitgangen, toezicht etc.)

De provincie Drenthe is bevoegd gezag voor de Milieuvergunning bij het Kartcentrum en het Motodrome. Ter beantwoording van deze vraag is contact opgenomen met de afdeling handhaving van de provincie. Zij controleren het Motodrome en het Kartcentrum meerdere keren per jaar. Er zijn geen gebreken bekend ten aanzien van het voorgaande.

4b* Zo ja, wie controleert dat?

Zie voorgaande

Wanneer was de laatste controle?

Op 14 april 2005 is een integrale milieucontrole uitgevoerd bij de Schietbaan, door een toezichthouder van de gemeente Emmen samen met een toezichthouder van VROM

Wat waren de bevindingen?

Een verplicht onderzoek naar de bodemkwaliteit in verband met het toen nog te verlenen aanwijzingsbesluit inzake schieten met lood (7 juli 2005) was nog niet uitgevoerd. Op 11 juli 2006 bleek dit wel te zijn uitgevoerd.

4c* Zo nee, wanneer en door wie is dat geconstateerd?

Zie hiervoor

Wat waren de manco 's?

Zie hiervoor

Wat gaat u daar aan doen?

Er zijn geen acties meer voorzien, de inrichtingen zullen volgens de reguliere frequentie van controles worden bezocht.

5a* Voldoen (voldeden) alle ondernemingen op het terrein Pottendijk vóór het stellen van deze vragen aan de milieueisen, zoals die kunnen worden gesteld aan evenementen, horeca en werk- en wasplaatsen? (zoals olieafscheiders, ventilatie, filters en vloeistofdichte vloeren)

Voor het motorsportterrein en het kartcentrum is de provincie de vergunningverlenende en controlerende instantie. Voor de Schietbaan is dat de gemeente.

5 b* Zo ja, wie controleert dat?

Zie 4 b voor de controle op het schietterrein.

Wanneer was de laatste controle?

Zie 4 b

Wat waren de bevindingen?

Zie 4 b

5c* Zo nee, wanneer en door wie is dat geconstateerd?

Niet van toepassing

Wat gaat u daar aan doen?

Niet van toepassing


6a* Deelt het College de voorlopige conclusie van BGE dat er in ieder geval op het punt van de detailhandel en de bouw van een deel van de opstallen en wellicht op meerdere punten sprake is of is geweest van een illegale situatie die onderwerp van legalisering of handhaving dient te worden of dat reeds is? Ja of Nee.

Ja met inachtneming van het gestelde bij de beantwoording in deze brief.

6b* Zo ja, is het College bereid een persbericht dienaangaande te doen uitgaan ter correctie van eerdere artikelen in de pers hierover?

Ten aanzien van de onderhavige materie zijn door ons college geen persberichten uitgegeven die voor correctie in aanmerking komen.

Als u daar niet toe bereid bent, is dat omdat u nooit persberichten tracht te corrigeren?

Wij zien geen aanleiding om een persbericht uit te brengen.

6c* Zo nee (zie 6a), waarom deelt u die conclusie niet?

Zie beantwoording 6b

Wij hopen hiermee uw vragen te hebben beantwoord.

Hoogachtend,

burgemeester en wethouders van Emmen